Wat je hebt geleerd
Je bent begonnen zonder programmeerervaring. Na deze serie ken je:
- Variabelen, datatypes en rekenwerk
- Beslissingen (
if/else/switch) - Loops (
for,while,foreach) - Methoden en herbruikbare code
- Klassen, objecten en OOP-principes
- Constructors, properties en encapsulatie
- Lijsten, arrays, dictionaries en LINQ
- References vs values
- Overerving en interfaces
- Foutafhandeling met
try/catch - Namespaces en class libraries (DLLs)
Dat is alles wat je nodig hebt om een echte AutoCAD add-in te bouwen.
Je DLL laden in AutoCAD
Open AutoCAD en typ in de commandobalk: NETLOAD
Navigeer naar je DLL (bin\Debug
et48\MijnAutocadAddin.dll) en klik op Open. AutoCAD laadt je add-in.
Typ nu in de commandobalk: HALLO (of welk commando je hebt gedefinieerd). Als alles goed is, zie je in de commandobalk:
Hallo vanuit mijn eigen add-in!
Je hebt zojuist je eerste AutoCAD add-in uitgevoerd!
Permanente NETLOAD — via AutoCAD startup
Elke keer NETLOAD typen is omslachtig. Voeg de DLL toe aan AutoCAD Options → Files → Trusted Locations, of gebruik een acad.lsp-bestand om hem automatisch te laden:
(command "NETLOAD" "C:\pad\naar\MijnAutocadAddin.dll")
De volgende stap: de add-in serie
Nu je de basis kent, is het tijd voor de uitgebreide add-in serie op dit blog. Daarin leer je:
- Lagen aanmaken en beheren via de API
- Objecten (lijnen, cirkels, tekst) programmatisch tekenen
- Gebruikersinvoer opvragen en selectiesets gebruiken
- Een eigen Ribbon-knop toevoegen in AutoCAD
- Inventor- en Vault-add-ins bouwen
Begin met Je eerste AutoCAD C# add-in: stap voor stap — nu met de kennis die je in deze serie hebt opgedaan, zul je zien dat alles meteen duidelijker is.
Veel succes met je eerste echte add-in!
Comments
No comments yet — be the first!
Leave a comment
Sign in to skip moderation — anonymous comments are reviewed before appearing.